"De Hoppepluk"
        Als u zich afvraagt wat die achtergrond muziek was die u hoorde tijdens het laden van onze webstek, dan hebt u hier het antwoord.

        Dat lied is "De Hoppepluk", ons Poperings lijflied. Het lied is afkomstig uit de operette "In den Hommelpluk" en wordt omschreven als "een luimig zangspel in vier bedrijven". Het libretto is van de hand van Emiel Serroen (1875-196.), hoofdonderwijzer in Staden; de muziek werd gecomponeerd door zijn vriend Albert Lietaert (1882-1963), onderwijzer te Tielt en dirigent van de lokale fanfare. De eerste opvoering had plaats te Staden op 8 november 1931.

        De fragmenten die u hoort zijn een opname van de geslaagde uitvoeringen op 17 & 18 november 1994. Het is het werk van amateurs, allen uit het Poperingse, en geregistreerd tijdens hun optreden in de "Maeke-Blydezaal".


      Refrein1

      Als wij de schoenen tatsen
      Om naar de pluk te gaan
      En staan met de bazatsen
      Om onze rug gelaan;
      Dan jaagt van aandoeninge,
      Ons hartje naar t geluk
      Naar t land van Poperinge
      En van den hommelpluk

      Strofe 1

      Als wij door dhommeldreven,
      Ons boerenhof zien staan,
      Dan voelen wij ons leven
      Van plukker opengaan.
      Ik jubel dan en k zinge,
      In joelende geluk:
      Van t land van Poperinge,
      En van den hommelpluk

      Strofe 2

      De boeren komen tegen,
      Uit schuur en huis en stal,
      Ze groeten ons genegen,
      En t is dan koffiebal.
      Ik drinke dan en k springe,
      Een dans van zot geluk:
      In t land van Poperinge
      En van den hommelpluk.

      Refrein 2

      Als wij de schoenen tatsen
      Om naar de pluk te gaan,
      En wij met de bazatsen
      In t Westland komen aan,
      Dan is t een wemelinge
      Van blij geweld en druk
      In t land van Poperinge
      En van den hommelpluk